Of hoe “44” verschillende betekenissen kan krijgen

De firEASD ingangskaartma Roche nodigde me als blogger uit voor het EASD congres in Stockholm. Dit is de beurs bij uitstek voor wie professioneel bezig is met diabetes (ik begrijp nog altijd niet waarom wij niet onder die noemer vallen?). Je ziet er al de nieuwigheden uit diabetesland, krijgt de kans om vragen te stellen en workshops en voordrachten bij te wonen. Ik was superblij dat ik deze kans aangeboden kreeg en greep ze dan ook met beide handen aan.

Er gingen al enkele fijne momenten met andere diabetesbloggers vooraf aan het evenement, waardoor we als groep eensgezind richting EASD trokken. Heel indrukwekkend allemaal en het werkte meteen ook suikerverlagend. De spanning, de opwinding en zoveel indrukken zorgen bij mij gegarandeerd voor suikerdipjes. Als oude rot in het vak (al voelde ik me wel een groentje tussen de collegaatjes die er al meer dan het dubbel aantal jaren opzitten hadden en dan nog eens veel jonger waren dan ondergetekende), heb ik natuurlijk altijd een handtas vol goodies bij: mini blikjes cola, aangebroken repen druivensuiker die geen enkele PmD (Persoon met Diabetes) vrijwillig zou opeten, granenrepen in Tupperware doosjes om het uit te houden tot de volgende maaltijd, plakkerige snoepjes die vastgekleefd zitten onderin mijn handtas maar in tijd van nood zeker losgepulkt kunnen worden en zelfs nog een vervallen portie Hypofit (maar dat is echt voor op-stervens-na-dood momenten waarop ik echt, maar dan ook echt geen andere oplossing heb). Anyway, de suikers werden regelmatig aangevuld zodat het brein ook kon blijven volgen en mijn handtas woog steeds minder naargelang de dag vorderde.

Gelukkig heb ik altijd genoeg reserve emergency kits mee op reis en de tas werd ’s avonds weer netjes aangevuld. Na een eerder rustige nacht in BG-waarden (ik ga maar niets zeggen over de geluiden van de snelweg naast ons verblijf), was ik klaar voor mijn ontbijt van yoghurt, havermout en appel. Dat ritje naar het centrum met bus en metro was niet echt belastend en het slenteren door de stad evenmin. Deze keer had ik zelfs mijn sneakers vanonder het stof gehaald (ah, je wist nog niet dat ik een hekel heb aan sporten maar wel de trotse eigenaar ben van meerdere exemplaren sportschoenen?) om de vele kilometers door Stockholm te trotseren. Het was ondertussen rond het middaguur en mijn eerste twee blikjes cola waren al leeggedronken en platgeknepen. Een grote chai latte bij Espresso House zonder bolus, was gedurfd maar nodig. De talloze indrukken die ik opdeed in de winkelstraten, zorgden nog maar eens voor een daling in mijn bloedsuiker. Eén blik op mijn Dexcom G4 (een horloge heb ik allang niet meer nodig met al die elektronica aan mijn lijf) maakte duidelijk dat het toch wel etenstijd was. Hubby en ik raakten het niet meteen eens over waar we zouden gaan lunchen, maar mijn maag maakte me duidelijk dat we niet te lang meer moesten aarzelen. De lange rij die stond aan te schuiven aan de toonbank van Taylors & Jones, zorgde dat de moed me al in de schoenen zakte. Ik zocht nog in mijn tas naar extra druivensuiker, maar realiseerde me dat ik die al had doorgespeeld aan lotgenootjes met een veel te lage bloedsuiker.

De persoon voor mij bestelde zijn maaltijd en toen begon het bij mij serieus te duizelen. Ik moest suiker hebben. ONMIDDELLIJK! Er stonden een paar blikjes op de toonbank en ik kon alleen maar denken: zou ik?? Sorry aan de man die zijn bestelling aan het doorgeven was, maar mijn knieën begonnen te knikken en ik geraakte nog amper uit mijn woorden. De tranen prikten in mijn ogen en mijn stem stokte. Ik hakkelde en snikte tussendoor en dat alles nog eens in een andere taal. Het meisje aan de andere kant van de toonbank was heel begripvol en zei meteen: dit blik bevat het meeste suiker. En ze vroeg ook nog: teveel insuline binnen gekregen?

Ik kon alleen nog bevestigen met mijn ogen en zette het blik aan mijn lippen. Dit was geleden van net zo’n situatie, toen we in Florida in een natuurgebied de weg kwijt waren. Iemand zonder diabetes kan zich de opluchting die ik op dat moment voelde, niet voorstellen. Weten dat je er weer doorkomt, is zo’n geruststelling. 
Hubby gaf onze bestelling door, terwijl ik een tafeltje zocht, zodat ik even kon gaan zitten. Ik heb mijn maaltijdbolus overgeslaan en mijn wrap met witte pens, spek, sla, croutons en caesar dressing met heel veel smaak naar binnen gepropt. Ik zie niet zo graag die LAAG (< 40 mg/dl) op mijn Dexcom verschijnen, maar weet nu ondertussen wel hoe het zo ver kunnen komen is. ’s Nachts durf ik nog wel eens mijn alarmen uit te zetten zodat ik niet wakker gemaakt word voor een 84 op het scherm. Blijkbaar had ik die nacht iets teveel geprutst aan de instellingen van mijn Dexcom, waardoor mijn hypo alarm pas herhaald werd na 45 min. Veel te laat, als je het eerste alarm negeert…

Elke dag is een nieuw moment om te leren. Soms zeg ik wel eens smalend: “gelukkig” dat het een chronische aandoening is en we heel veel tijd hebben om bij te leren. Een vriendin wees me er op, dat ik dit soort situaties wel vaker voor heb op reis. Ik moest daar even over nadenken, maar ik moet haar gelijk geven. Minder routine? Minder oplettendheid? Te relaxt? Wie zal het zeggen? Weer iets om over na te denken…

Ik ben 44 jaar. Die 44 op mijn Dexcom ontvanger vond ik iets schrikwekkender dan die 44 op mijn verjaardagskaarten.

Zoete groet,

Cathy

Advertenties

3 gedachtes over “Of hoe “44” verschillende betekenissen kan krijgen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s